Welkom 
 

Een gewone advocaat en een pro-Deoadvocaat bij een scheiding

Bij een echtscheiding is een advocaat verplicht. 

De advocaat dient het verzoek tot scheiding in bij de rechtbank.
Wanneer beide partners het eens zijn over alle afspraken, kunnen zij samen één advocaat inschakelen.
Zijn zij het niet eens, dan heeft iedere partner meestal een eigen advocaat nodig.


Wat is een gewone advocaat?
Bij een gewone advocaat betaalt de cliënt zelf de volledige kosten. Advocaten mogen hun eigen uurtarief of vaste prijs bepalen. 

Daarnaast kunnen kosten ontstaan voor de rechtbank, documenten en deskundigen.
Wanneer beide partners een eigen advocaat hebben, betaalt in beginsel ieder zijn eigen advocaat.
De advocaat van de ene partner wordt dus niet automatisch door de andere partner betaald.
De rechter kan in bijzondere situaties anders beslissen over de proceskosten.

Wat is een pro-Deoadvocaat?
Een pro-Deoadvocaat is geen ander soort advocaat. Het is een gewone advocaat die werkt met gesubsidieerde rechtsbijstand. Dit wordt ook wel een toevoeging genoemd.
De overheid betaalt dan een deel van de advocaatkosten. 

De cliënt betaalt meestal zelf:

  • een eigen bijdrage;
  • het griffierecht van de rechtbank;
  • eventuele bijkomende kosten.


Niet iedere advocaat behandelt zaken op toevoegingsbasis. De advocaat moet hiervoor bij de Raad voor Rechtsbijstand zijn ingeschreven.
De Raad beoordeelt of iemand recht heeft op deze hulp. Daarbij wordt onder meer gekeken naar het inkomen en vermogen in het peiljaar.
Meestal is dit het kalenderjaar van twee jaar vóór de aanvraag. Is het inkomen daarna sterk gedaald, dan kan soms een peiljaarverlegging worden aangevraagd.

Hoe verloopt de procedure bij de rechtbank?

De advocaat stuurt het echtscheidingsverzoek naar de rechtbank.

Daarbij kunnen ook verzoeken worden gedaan over:

  • de woning en andere bezittingen;
  • gezamenlijke schulden;
  • partner- en kinderalimentatie;
  • de zorg en omgang met de kinderen;
  • het ouderschapsplan;
  • de verdeling van pensioen.


Zijn beide partners het eens, dan kunnen de afspraken in een echtscheidingsconvenant worden vastgelegd.

 De rechter kan deze afspraken opnemen in de beslissing.
Zijn de partners het niet eens, dan kunnen beide advocaten de standpunten en bewijsstukken aan de rechtbank doorgeven.
Meestal volgt dan een zitting. De rechter hoort beide kanten en neemt daarna een beslissing over de onderwerpen die aan de rechter zijn voorgelegd.

Wie betaalt de twee advocaten?
Heeft iedere partner een eigen advocaat, dan heeft iedere partner ook een eigen financiële afspraak met die advocaat.
De ene partner kan de advocaat volledig zelf betalen, terwijl de andere partner voor gesubsidieerde rechtsbijstand in aanmerking komt. Het recht op een toevoeging wordt per persoon beoordeeld. Het inkomen of de betaalwijze van de ene partner bepaalt dus niet automatisch hoe de advocaat van de andere partner wordt betaald.
Ook het griffierecht wordt doorgaans via de eigen advocaat betaald. De advocaat schiet dit vaak eerst voor en brengt het daarna bij de cliënt in rekening.

Wanneer moet een pro-Deoadvocaat toch zelf worden betaald?
Na afloop bekijkt de Raad voor Rechtsbijstand of de zaak voldoende financieel resultaat heeft opgeleverd. Dit heet de resultaatsbeoordeling.
Bij een scheiding kan iemand bijvoorbeeld geld ontvangen door de verdeling of verkoop van de gezamenlijke woning. Is het financiële resultaat gelijk aan of hoger dan de geldende resultaatgrens, dan kan de Raad de toevoeging intrekken. De cliënt moet de advocaatkosten dan alsnog zelf betalen tegen het afgesproken normale tarief.

In 2026 bedraagt de resultaatgrens € 19.239,50. Dit bedrag kan jaarlijks veranderen. 

Niet het volledige vermogen telt automatisch als resultaat. De Raad beoordeelt welk financieel resultaat rechtstreeks uit de zaak voortkomt.
Bij intrekking kan een rekening volgen van de advocaat en soms ook van de Raad voor Rechtsbijstand.
In totaal wordt niet meer betaald dan de advocaat volgens het normale tarief voor de werkzaamheden in rekening mag brengen.
Daarom is het verstandig om vooraf schriftelijke afspraken te maken over het uurtarief en de mogelijke kosten wanneer de toevoeging later wordt ingetrokken.
Wie het niet eens is met de intrekking, kan binnen zes weken bezwaar maken tegen de beslissing van de Raad voor Rechtsbijstand.

Belangrijk om vooraf te vragen

Vraag vóór het starten van de procedure altijd:

  • Werkt de advocaat op toevoegingsbasis?
  • Hoe hoog is de eigen bijdrage?
  • Welk uurtarief geldt als de toevoeging later wordt ingetrokken?
  • Welke andere kosten kunnen ontstaan?
  • Hoe wordt bijgehouden hoeveel tijd aan de zaak wordt besteed?
  • Kan de verwachte verdeling van een woning of vermogen gevolgen hebben voor de toevoeging?


De precieze kosten en gevolgen verschillen per situatie. Laat uw advocaat of de Raad voor Rechtsbijstand daarom vooraf uitleggen welke regels in uw zaak gelden.


Nederlandse websites die dit artikel ondersteunen