Wanneer een label bepaalt wie je bent
Wat labelen doet binnen relaties en gezinssystemen
Labelen betekent dat iemand niet meer wordt beoordeeld op afzonderlijk gedrag, maar wordt vastgezet in een algemene omschrijving van wie die persoon zou zijn.
Er is bijvoorbeeld een belangrijk verschil tussen:
“Je reageerde tijdens die ruzie erg boos.”
en:
“Jij bent agressief.”
Of tussen:
“Wat je daar deed vond ik egoïstisch.”
en:
“Jij bent egoïstisch.”
In het eerste geval wordt gedrag benoemd. Dat gedrag kan worden besproken, verklaard, begrensd of veranderd.
In het tweede geval wordt van gedrag een identiteit gemaakt.
Wanneer wordt labelen problematisch?
Een label hoeft niet altijd schadelijk te zijn.
Ook binnen professionele diagnostiek worden classificaties gebruikt om bepaalde klachten en patronen te beschrijven.
Het probleem ontstaat wanneer een label wordt behandeld alsof het de volledige persoon verklaart.
Het Kenniscentrum Kinder- en Jeugdpsychiatrie waarschuwt hiervoor: wanneer vooral het label blijft hangen, bestaat het risico dat iemand wordt gereduceerd tot dat label en dat andere eigenschappen, omstandigheden en verklaringen uit beeld verdwijnen.
Binnen een ongezond of toxisch gezinssysteem kan dat nog verder gaan.
Iemand wordt bijvoorbeeld steeds opnieuw neergezet als:
- de moeilijke
- de agressieve
- de egoïst
- de leugenaar
- de manipulator
- degene die altijd problemen veroorzaakt
Vanaf dat moment kan bijna ieder nieuw voorval door datzelfde label worden bekeken.
Wie eenmaal als agressief geldt, hoeft bijvoorbeeld alleen zijn stem te verheffen om het bestaande beeld bevestigd te zien.
Dat iemand bang, verdrietig, overbelast of zelf aangevallen was, kan daardoor steeds minder worden meegewogen.
Het label wordt dan als het ware een filter waardoor naar die persoon wordt gekeken.
Het gevaar: het verhaal wordt sterker dan de gebeurtenis
Dit kan leiden tot een zichzelf versterkend patroon:
er gebeurt iets → het gedrag krijgt een negatieve betekenis → die betekenis wordt een label → toekomstige gebeurtenissen worden vanuit dat label geïnterpreteerd.
Daardoor ontstaat gemakkelijk selectieve aandacht.
Gedrag dat bij het bestaande beeld past, wordt onthouden.
Gedrag dat er niet bij past, krijgt minder betekenis.
En wanneer meerdere gezinsleden hetzelfde verhaal gaan herhalen, kan het voor degene die wordt gelabeld steeds moeilijker worden om nog als volledig persoon te worden gezien.
Juist daarom is het binnen gezonde relaties belangrijk om onderscheid te blijven maken tussen:
wat iemand heeft gedaan
en
wie iemand is.
Wat kan langdurig labelen met iemand doen?
Negatieve labeling en stigmatisering kunnen invloed hebben op zelfbeeld, zelfvertrouwen, sociale contacten en kwaliteit van leven.
Trimbos beschrijft: onder meer verminderd zelfvertrouwen, een negatiever zelfbeeld en minder hoop als mogelijke gevolgen van ervaren stigma.
Wanneer iemand een negatief oordeel vaak genoeg hoort, kan bovendien zelfstigma ontstaan: iemand gaat het oordeel van anderen langzaam op zichzelf toepassen.
Dan verandert:
“Zij vinden mij moeilijk.”
Langzaam in:
“Misschien bén ik inderdaad moeilijk.”
PsychoseNet beschrijft: bij stigma onder meer gevoelens van minderwaardigheid, twijfel aan zichzelf, niet serieus genomen worden en buitensluiting.
Binnen gezinnen kan langdurig kleineren, uitschelden, manipuleren of buitensluiten nog ernstiger zijn.
Het Nederlands Jeugdinstituut noemt: dergelijke gedragingen expliciet als mogelijke vormen van emotionele mishandeling wanneer kinderen ermee te maken krijgen.
Slachtofferhulp Nederland noemt: bij geestelijke mishandeling onder andere vernederen, kleineren, manipuleren, isoleren en iemand aan zichzelf laten twijfelen.
Dat betekent niet dat ieder negatief woord of iedere ruzie onmiddellijk psychische mishandeling is.
Duur, herhaling, machtsverhoudingen en het bredere patroon zijn bepalend.
De belangrijke grens
Mensen moeten elkaar kunnen aanspreken op gedrag.
Ook pijnlijk gedrag mag duidelijk worden benoemd.
Maar iemand aanspreken op gedrag is iets anders dan iemand vastzetten in een identiteit waaruit nauwelijks nog ontsnappen mogelijk is.
“Wat jij deed was kwetsend” laat ruimte voor gesprek, verantwoordelijkheid en verandering.
“Jij bent nu eenmaal zo” sluit die ruimte steeds verder af.
En precies daar kan labelen binnen toxische relaties en gezinssystemen schadelijk worden:
niet omdat gedrag niet benoemd mag worden, maar omdat één oordeel uiteindelijk belangrijker wordt gemaakt dan de volledige mens erachter.
Nederlandse bronnen en verdere informatie
Trimbos-instituut – stigma en de gevolgen daarvan
Over stigma, zelfstigma, zelfbeeld, zelfvertrouwen en sociale gevolgen.
Trimbos-instituut – Participatie en inclusie
GGZ Standaarden – Destigmatisering
Over negatieve labels, beeldvorming en de invloed van stigma op het dagelijks functioneren en herstel.
GGZ Standaarden – Destigmatisering
Kenniscentrum Kinder- en Jeugdpsychiatrie – Destigmatisering
Over negatieve labeling en het risico dat iemand wordt gereduceerd tot een label.
Kenniscentrum KJP – Destigmatisering
Nederlands Jeugdinstituut – Van label naar leefwereld
Over het risico dat labels de blik op gedrag, omstandigheden en de bredere context vernauwen.
NJi – Van label naar leefwereld
Nederlands Jeugdinstituut – Emotionele mishandeling
Over onder meer uitschelden, manipuleren, kleineren, isoleren en uitsluiten binnen de opvoedingssituatie.
NJi – Wat is kindermishandeling?
Slachtofferhulp Nederland – Geestelijke mishandeling
Over kleineren, vernederen, manipulatie, gaslighting, controle en isolatie.
Slachtofferhulp Nederland – Geestelijke mishandeling.